Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 14-03-2020

2020-03-14

Voornaam

betekenis & definitie

Het begrip voornaam heeft 2 verschillende betekenissen:

1. voornaam - VOORNAAM - m. (...namen), doopnaam: zijn voornaam is Piet.

2. voornaam - VOORNAAM - bn. (...namer, -st), aanzienlijk, belangrijk, gewichtig: de voornaamste oorzaken, redenen; de voorname straten eener stad, de hoofdstraten; de voornaamste (aanzienlijkste) lieden der stad;
— ook wel zelfst. gebruikt: het voorname.