VAAL betekenis & definitie

VAAL - bn. bw. (valer, -st), lichtbruin, lichtrood; eene vale kleur; de vale heide; ontkleurd er vaal uitzien; zijne lippen waren vaal; uwe jas wordt vaal, wordt leelijk van kleur, verschiet. VAALHEID, v.

Laatst bijgewerkt 06-12-2018