Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 29-11-2018

2018-11-29

Ronde

betekenis & definitie

Ronde - v. (-n, -s), eene soort van visiteerpatrouille ter bewaking van den dienst der verschillende wachtposten en schildwachten in eenig garnizoen, bestaande uit een onderofficier en eenige manschappen; (leger) bezoek van een officier om te zien of alles in orde is : officier van de ronde; de ronde doen, overal heengaan, om te zien of alles in orde is ;

— dit bericht doet de ronde, wordt overal rondverteld ;
— eenmaal de baan in eene manége, wielerbaan enz. (bij wedstrijden): hij was den anderen twee ronden voor ;
— rondedans, rondgezang ; à la ronde, in een kring rond, eene soort van biljartspel; (gew.) wat rond is, een pannekoek enz.