Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 27-09-2018

Nauwgezet

betekenis & definitie

bn. bw. (-ter, -st), stipt, nauwkeurig : hij is in alles even nauwgezet; zijne plichten nauwgezet waarnemen;

— streng, stipt in de vervulling zijner plichten: ik heb hem als een nauwgezet ambtenaar leeren kennen. NAUWGEZETHEID, v.