Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 24-02-2020

Koorden

betekenis & definitie

Het begrip koorden heeft 2 verschillende betekenissen:

1. koorden - KOORDEN, (koordde, heeft gekoord), (gew.) met een koord binden, binden, boeien iem. koorden en binden; de dief werd gekoord en gebonden weggebracht.

2. koorden - KOORDEN, o. mv. koordbelegsel, passement, galon.