KLEINGEESTIG, bn. bw. (-er, -st), kleindenkend, aan nietige dingen gehecht; eene kleingeestige staatkunde volgen; (ook) lichtgeraakt door kleinigheden hoe kleingeestig, om zich zoo iets aan te trekken KLEINGEESTIGHEID, v.
Studenten en medewerkers van onderwijsinstellingen hebben gratis toegang.
Ensie voor jouw (onderwijs)instelling? Bekijk de mogelijkheden.