Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 12-09-2018

2018-09-12

Hoedenband

betekenis & definitie

HOEDENBAND, o. band of lint voor hoeden; gouden (of zilveren) hoedenband, galon voor de hooge hoeden van koetsiers en livreibedienden;

...BORSTEL, m. (-s), hoedenschuier;
...FABRIEK, v. (-en), waar hoeden worden vervaardigd;
...FABRIKANT, m. (-en), eigenaar eener hoedenfabriek;
...GARNEERSEL, o. (-s), lint. bloemen enz. waarmee dameshoeden worden opgemaakt;
...KOOPMAN, m. (...lieden,
...lui).