Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 12-09-2018

2018-09-12

Herhaling

betekenis & definitie

HERHALING, v. het nogmaals doen de politie heeft maatregelen genomen om herhaling der ongeregeldheden te voorkomen; (spraakk.) werkwoorden van herhaling, die het telkens opnieuw verrichten of plaatshebben eener handeling beteekenen iteratieven, frequentatieven;

— bij herhaling, meer dan eens dit is u bij herhaling gezegd;
— (recht.) misdaad bij herhaling, die meer dan eens door denzelfden persoon is gepleegd, recidive;
—, (-en), hervatting van iets dat men reeds vroeger gezegd of behandeld heeft: de schrijver vervalt dikwijls in herhaling.