Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 12-09-2018

2018-09-12

Herberg

betekenis & definitie

HERBERG, v. (-en), (eigenl.) logement, plaats waar men vreemdelingen huisvest: stadsherberg; (zegsw.) de waarheid kan geene herberg vinden;

— (thans inz.) huis waar drank in het klein wordt verkocht en waar men ook andere spijs en drank verkrijgen kan: hij zit alle avonden in de herberg, HERBERGJE, o. (-s).