Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 12-09-2018

2018-09-12

Hendrik

betekenis & definitie

HENDRIK, m. (-ken), mansnaam; een brave Hendrik, afkeurende benaming voor iem. die al te braaf wil zijn, inz. voor een knaap die nooit aan kattekwaad wil meedoen;

— goede Hendrik, zekere plant, algoede ganzevoet (chenopodium bonus Henricus).