Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 12-09-2018

2018-09-12

Hartstocht

betekenis & definitie

HARTSTOCHT, m. (-en), hevige gemoedsbeweging, sterke begeerte die de ziel vervult, drift, passie, waardoor men zich soms tot daden laat vervoeren, die het verstand afkeurt, onstuimigheid in doen of in denken de slaaf zijn van zijne hartstochten; zich door zijne hartstochten laten medesleepen (of beheerschen), er aan toegeven;

— zijne hartstochten bedwingen (of beteugelen), ze beheerschen;
— het spel is een verderfelijke hartstocht;vuige, lage edele hartstochten; hij heeft een hartstocht voor de muziek