Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 12-09-2018

2018-09-12

Hardhoorend

betekenis & definitie

HARDHOOREND, HAKDHOORIG, bn. (-er, -st), moeilijk kunnende hooren; school voor hardhoorigen. HARDHOORIGHEID, v. doofheid.