Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 12-09-2018

2018-09-12

Hangslot

betekenis & definitie

HANGSLOT, o. (-en), hangend slot (aan een koffer, op de deur van sommige pakhuizen, enz.), in verkl. hangslootje;

...STELLING, v. (-en), een paar planken op twee dwarsbalken gespijkerd, om langs de buitenzijde van het schip uit te hangen als men breeuwen of teren wil;
...STOEL, m. (-en), toestel tot het dragen van de planken waarop de leidekkers werken; (pap.) een driebeenig stoeltje, waarop men de vellen papier legt, welke opgehangen moeten worden, ook handstoel genaamd;
...STUK, o. (-ken), (aan een riem);
...TOREN, m. (-s), niet tot den grond toe doorgaande zijtoren; ook als heraldische figuur (Fr. donjon).