Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 12-09-2018

2018-09-12

Handopening

betekenis & definitie

HANDOPENING, v. (-en), (kerk.) verlof om over te gaan tot het beroepen van een predikant;

...OPLEGGING, v. (kerk.) wijding (eens priesters), inzegening (van een predikant) door het opleggen der handen.