Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 12-09-2018

2018-09-12

Haarzeef

betekenis & definitie

HAARZEEF, v. (...zeven), haren zeef;

...ZIEKTE, v. (-n), (geneesk.) ziekte waardoor het haar wordt aangedaan*
...ZIJDE, v. (lederb.) de buitenzijde der huiden;
...ZWAM, v. (plantk.) fijne zwam op de schors van dood hout; (gen.) eene haarziekte: haarzwam veroorzaakt kale plekken en kaalhoofdigheid, en is besmettelijk.