Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 06-09-2018

2018-09-06

Goûteeren

betekenis & definitie

(goûteerde, heeft gegoûteerd), proeven: den wijn goûteeren;

— goedkeuren, met iets ingenomen zijn: dat kan ik niet goûteeren.