Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 06-09-2018

2018-09-06

Goudgulden

betekenis & definitie

m. (-s), (hist.) een gouden muntstuk: Overlandsche, Beiersche goudguldens; (ook) zekere zilveren munt, ter waarde van ƒ 1,40, florijn, achtentwintig.