Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 06-09-2018

2018-09-06

Godenbeeld

betekenis & definitie

GODENBEELD, o. (-en), afgodsbeeld;

...DIENST, m. afgodsdienst;
...DOM, o. de gezamenlijke goden heel het godendom;
...DRANK, m. de drank der Olympische goden, nectar;
— (fig.) heerlijke, hemelsche drank dat smaakt als godendrank,
...LEER, v. leer aangaande de goden, fabelleer, mythologie;
...MAAL, o. (...malen),
...MAALTIJD, m. (-en), (fig.) een bijzonder heerlijk maal;
...SPIJS, v. de spijs der goden, het ambrozijn;
— (fig.) dat is {een) godenspijs, dat smaakt overheerlijk;
...TAAL, v. goddelijke, hemelsche taal, hemelval;
...TEELT, v. kroost der goden, godengeslacht;
...TELG, m. (-en), afstammeling der goden, of van een god;
...TIJD, m.,
...TIJDPERK, o. mythisch tijdperk, gouden eeuw;
...ZANG, m. (-en), hemelsch, verheven lied;
...ZOON, m. (...zonen), afstammeling van een god;
— (fig.) een vorst, held, dichter, die zijn macht, moed, bezieling aan de goden ontleent GODES, ook GODESSE, v. (godessen) (w. g.) vrouwelijke godheid, godin; (fig.) de godes van mijn hart.