Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 06-09-2018

2018-09-06

Gistermiddag

betekenis & definitie

GISTERMIDDAG, .. .MORGEN,

...
NACHT,
...OCHTEND, bw. op den middag, morgen enz. van den dag van gisteren