Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 06-09-2018

Gezegd

betekenis & definitie

GEZEGD, bn. genaamd Simon, gezegd Petrus;

zooeven genoemd, gemeld, bedoeld de oudste zoon van gezegden Hertog; op het gezegde uur kom ik u afhalen, op den bepaalden tijd;
— eigenlijk gezegd, strikt genomen eigenlijk gezegd is het niet waar.