Gepubliceerd op 06-09-2018

Geldig

betekenis & definitie

GELDIG, bn. (-er, -st), (van zaken, in betrekking tot haren koopprijs) veel geldende, een hooger prijs kostende, kostbaar, duur dat is nogal geldig:

— (van wetten, regels, rechten, bewijzen, uitspraken, redenen enz.) geschikt om te gelden, van kracht zijnde, wettig, aannemelijk, deugdelijk: die wet is niet meer geldig, is niet meer van kracht;
— die regel is hier niet geldig, geldt hier niet;
— dat bewijs is niet geldig, gaat niet op;
— (in toepassing op plaatsbriefjes, toegangsbewijzen en dergelijke papieren die zeker recht geven), waarde hebbende, van kracht zijnde, t. w. binnen den bepaalden tijd, waarvoor zij uitgegeven zijn: die retourbiljetten zijn voor twee dagen geldig; dat kaartje is niet meer geldig. GELDIGHEID, v.

< >