Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 01-09-2018

Bomgat

betekenis & definitie

BOMGAT, o. (-en), ronde opening in den bodem of den buik van een vat voor de bom;

— te veel naar het bomgat kijken, een zuiplap zijn;
— een woord in *t bomgat zeggen, iem. iets heimelijk toevertrouwen;
— gat door de uitbarsting eener bom in den grond geslagen;
— galmgat van een toren.