Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 01-09-2018

Bewerken

betekenis & definitie

BEWERKEN, (bewerkte, heeft bewerkt), den grond bewerken, ploegen, eggen enz.;

— aan ruwe stof een vorm geven platina kan door zijn hoog smeltpunt moeilijk bewerkt worden;
— ruw bewerkte gereedschappen, niet fijn afgewerkt; een Fransch boek voor Nederlanders bewerkt door N. N.:
— de bekwame staatsman wist den vrede te bewerken, tot stand te brengen;
— die gebeurtenis bewerkte een geheelen ommekeer, veroorzaakte;
— eene rekenkundige opgave bewerken, oplossen;
— iem. bewerken, hem een pak slaag geven; (ook) door kracht van redeneering of omkooping tot iemands partij overhalen; de kiezers bewerken, aansporen, overhalen op een zeker candidaat te gaan stemmen. BEWERKING, v. (-en), de bewerking van het ijzer; verschillende wetsontwerpen zijn in bewerking;
— een nieuwe druk is in bewerking, wordt voorbereid;
— de bewerkingen der rekenkunde, optelling, aftrekking enz.;
— de bewerking van de som moet blijven staan, de berekening.