Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 01-09-2018

Besturen

betekenis & definitie

BESTUREN, (bestuurde, heeft bestuurd), (een staat, eene stad) regeeren over, het gezag uitoefenen in

— (eene vereeniging, een polder) de zaken ervan leiden en regelen;
beheeren;
— een paard besturen, zorgen dat het in de goede richting gaat;
— eene vereeniging besturen, leiden, vertegenwoordigen;
— eene fabriek besturen, regelen, de leiding ervan hebben;
— (gew.) dat is bestuurd, afgedaan. BESTURING, v. (-en).