Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 01-09-2018

Bekomen

betekenis & definitie

BEKOMEN, (bekwam, heeft en is bekomen), ontvangen een prijs bekomen;

— te verkrijgen, te koop zijn alle boeken voor de H. B. school alhier te bekomen;
— eene goede of slechte uitwerking hebben die wijn is mij niet goed bekomen;
— wel bekome het u dat gij er niets dan goeds van hebbe, (vooral na het eten of niezen tegen iem. gebezigd); ook iron. gezegd van iets dat onze goedkeuring niet kan wegdragen dat zal hem kwalijk bekomen;
— dat zal hem bekomen als den hond de worst, dat zal hem zeer slecht vergaan;
— antwoord bekomen, antwoord krijgen;
— hij is aan de bekomen wonden overleden;
— weder bijkomen, herleven, tot zich zelf komen, inz. van eene flauwte, van den schrik bekomen; die bloemen zijn goed bekomen;
— laat de paarden eerst wat bekomen, uitblazen, uitrusten. BEKOMING, v.