AFSTAMMING betekenis & definitie

v. de bloedverwantschap in de nederdalende lijn de afstamming van wettige kinderen wordt bewezen door de akten van geboorten; — aanzienlijk van afstamming, van afkomst; — een edelman van afstamming, wiens voorouders tot den adelstand behoorden; — (fig.) de verwantschap van een woord met zijn grondwoord; de betrekking waarin de beteekenissen der woorden, de begrippen die zij uitdrukken, staan tot de grondbeteekenis waaruit zij zijn afgeleid de woordafleidkunde onderzoekt de afstamming en vorming der woorden; —, (-en), (dicht.) het afstammende of afkomende; de personen die van iemand afstammen, het kroost, nakroost, de nakomelingen.