Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Gepubliceerd op 01-01-2021

Rund

betekenis & definitie

o. (-ers, -eren),

1. het bekende holhoornige, herkauwende zoogdier uit het geslacht Bos dat als nuttig huisdier om zijn vlees en melk en ook wel als trekdier gehouden wordt, en waarvan het mannetje stier, het vrouwtje koe en het jong kalf wordt geheten; bepaaldelijk het volwassen dier; — (volkst.) hij bloedt als een rund (t.w. dat geslacht wordt).
2. (mv.) in de dierk. de naam voor de onderfamilie der holhoornigen waartoe behalve de echte runderen (rund en zeboe) ook de buffels behoren.
3. (fig.) lompe vlegel.

< >

Studenten en medewerkers van onderwijsinstellingen hebben gratis toegang.

Ensie voor jouw (onderwijs)instelling? Bekijk de mogelijkheden.

✓ Bedankt! We nemen zo snel mogelijk contact met je op.
Er ging iets mis. Probeer het opnieuw.