Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Gepubliceerd op 01-01-2021

Helen, beteren

betekenis & definitie

(heelde, heeft geheeld),

I. (overg.)
1. (w. g.) gezond maken, genezen: een wonde helen; — meest fig.: de tijd zal die wonde ivel helen, mettertijd zal het leed wel slijten;
2. heel maken wat stuk is; (bijb.) en hij heelde den altaar des Heren, die verbroken was (1 Kon. IS : 30); — dat is niet te helen, repareren, herstellen ;

II. (onoverg.) gezond worden, beteren: de wond wil niet helen.

< >