Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Gepubliceerd op 01-01-2021

Handeling

betekenis & definitie

v. (-en), 1. (veroud., Zuidn.) het hanteren ; in de handeling van geld zijn, geld onder zijn beheer, onder zijn bereik hebben.

2. vaardigheid in de behandeling of bewerking van iem. of iets; (Zuidn.) handeling van iets hebben, er goed mede weten om te gaan.
3. het spreken over, overweging, beraadslaging : handelingen over de herziening der grondwet.
4. overeenkomst: handelingen en afspraken, ter beurze gesloten.
5. op zichzelf staande niet-werktuiglijke verrichting, daad: een onrechtmatige handeling; samenloop van meerdere feiten die als op zichzelf staande handeling moeten worden beschouwd; bedrieglijke, ontuchtige handelingen; de Handelingen der Apostelen, titel van het vijfde boek van het N. T.; — vand. als titel van een geschrift of boek waarin verslag wordt gegeven van hetgeen verhandeld is op een vergadering: Handelingen van het zesde Taal- en

Letterkundig Congres; Handelingen van de Tweede Kamer der StatenGeneraal] —

6. als term in de letterkunde; het handelen of doen (of de voorstelling daarvan) door de personen van een -drama, een roman enz.; ook in toneelaanwijzingen: de handeling valt voor in de zomer van enz.; — eenheid van handeling, de eis dat er in een drama slechts één hoofdhandeling zij.