Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Gepubliceerd op 01-01-2021

Afmalen, dichterlijk

betekenis & definitie

(maalde af, heeft afgemaaid), (thans alleen in hogere, min of meer dichterlijke stijl) afschilderen : een landschap afmalen; — (dicht.) de natuur maalt haar schepper af, stelt zijn beeld zichtbaar voor ogen; — (fig.) een gelaat waarop de angst, de schaamte en de vrees stonden af gemaaid, als ’t ware stonden te lezen ; (fig.) met woorden levendig beschrijven, een beeld, toestand, voorval enz. met sprekende kleuren tekenen : hij maalde met sterke kleuren de ellende der arme landverhuizers af.