Van Alexander tot Zeus

Door Eric Moormann & Wilfried Uitterhoeve

Gepubliceerd op 08-03-2017

Solon

betekenis & definitie

Solon had als dichter, diplomaat, militair en handelsman zijn sporen al verdiend, toen hij in 594-93, in de jaren dat Athene werd geteisterd door een economische en sociale crisis, werd gekozen tot diallaktes: een bemiddelaar tussen de standen, bekleed met grote volmachten om twee zaken tot stand te brengen: kwijtschelding of althans een draaglijke regeling van de enorme schuldenlast die op veel Atheners drukte en hen tot slaven maakte van de schuldeisers, en herverdeling van de grond. Volgens Aristoteles’ Politeia slaagde hij in de oplossing van het eerste probleem, zodat veel burgers hun vrijheid herkregen, en stelde hij grenzen aan de hoeveelheid land die men in bezit kon hebben. Hij zou ook een reorganisatie van het stelsel van munten, maten en gewichten hebben doorgevoerd. Vervolgens ontwierp hij een indeling van de burgerij naar inkomen, waarvan voortaan de militaire rang en de verkiesbaarheid voor de verschillende politieke ambten zouden af-hangen: Athene werd zodoende een timocratie.

De Atheners zwoeren dat ze de nieuwe wet-geving gedurende ten minste 100 jaar in ere zou-den houden. Ploutarchos meldt dat Solon, om zich te onttrekken aan verzoeken tot wijziging, Athene verliet en een aantal jaren in Egypte verbleef. Het politieke compromis hield echter geen stand, de sociale en politieke tegenstellingen leefden op en Solon moest na zijn terugkeer de in 560 begonnen tirannie van Peisistratos nog meemaken. We weten geen geboorte- of sterfjaar, alleen dat hij ongeveer 60 jaar oud werd.

De legenden spreken van de Zeven Wijzen, wijze staatslieden uit verschillende Griekse stadstaten, die af en toe bijeenkwamen in Delphi of Korinthe en aan gastmalen hun wijsheden uitwisselden. Voor het eerst worden ze genoemd door Plato in diens Protagoras, in later eeuwen door o.a. Ploutarchos en Diogenes Laërtios. Ze passen in series Hebdomades (Zeventallen) naast bijvoorbeeld de Zeven Wereldwonderen. Solon maakte volgens alle auteurs deel uit van dit gezelschap, evenals Bias van Priëne, Pittakos van Myti-lene en Thales van Milete; daarnaast worden Chilon van Sparta, Kleoboulos van Lindos en Periandros van Korinthe veelvuldig genoemd. Soms troefden ze elkaar af, bijvoorbeeld in de volgende door Ploutarchos in zijn Solon-biografie verhaalde anekdote. Solon, te gast bij Thales, verwonderde zich erover dat zijn gastheer geen gezin wilde stichten. De volgende dag deed Thales het voorkomen alsof hij bericht had ontvangen van het overlijden van een zoon van Solon. Toen deze zich overgaf aan zijn smart, hield Thales hem voor dat hij zich zulks wilde besparen en daarom geen gezin stichtte. Ook andere conversaties zijn ons overgeleverd; zo disputeerde hij met Anacharsis over het nut en de houdbaarheid van een voor alle partijen rechtvaardige wetgeving. Ploutarchos stelt echter vast dat de sceptisch gestemde Anacharsis door de geschiedenis in het gelijk werd gesteld. De uitspraken van de Wijzen werden rond 300 v.C. door Demetrios van Phaleron verzameld.

De grootste bekendheid kreeg zijn gedachtewisseling met de schatrijke Kroisos, koning van Lydië van 561 tot 546, die zich vanwege zijn onmetelijke rijkdom onkwetsbaar waande.

Solon was reeds in de klassieke tijd een legen-darische wijze. Volgens sommigen had hij de pederastie in Athene geïntroduceerd. In ieder geval staat hij bekend als auteur van liefdesgedich-ten voor jongens. Indrukwekkend is de zogenaamde Muzenelegie, waarin hij zijn politieke denkbeelden herleidt op de goddelijke ordening. Bakchylides schetst hem in een loflied op een winnaar bij de Olympische Spelen in de eerste helft 5e eeuw als een navolgenswaardig man. Ploutarchos vereeuwigt hem niet alleen in zijn Solon-biografie, maar ook in Het banket der Zeven Wijzen, een traktaat in de Moralia.

In de latere oudheid komt Solon voor in voorstellingen van de Zeven Wijzen, onder andere op mozaïeken die portretten van dichters en staatslieden bevatten (bijv. Argos 3e eeuw n.C., Apameia 4e eeuw n.C., Rome 2e eeuw n.C., nu in de Villa Albani aldaar, wellicht ook een mozaiek uit de 2e eeuw v.C., gevonden te Pompeii, nu in het Museo Nazionale te Napels). De naar hen genoemde thermen in Ostia bevatten een 2e-eeuws mozaïek met hun portretten, en er is ook een geschilderde weergave van de Wijzen, met erboven uitspraken die de noodzaak van een goede stofwisseling memoreren. Hier en in een toilet in een particulier huis te Ephesos kan deze merkwaardig lijkende keuze verklaard worden met een opmerking bij Ploutarchos, dat voor Solon de mens die helemaal geen voedsel nodig zou hebben, de meest volmaakte was.

Zijn bekendheid in de middeleeuwen ging vooral terug op teksten van Aristoteles en Valerius Maximus. Van de 14e tot 18e eeuw blijven Solon en andere wijzen en geleerden bekend op de Balkan, waar kerkdecoraties hem laten zien in gezelschap van o.a. Sokrates, Sophokles en Pytha-goras. Zij zijn gechristianiseerd, zoals Vergilius en Seneca in het Westen, en vertegenwoordigen de heidense wortels van de ‘Stam van Jesse’; blijkens de talrijke spelfouten in de naamaanduiding zijn ze vooral door het kopiëren van oude voorbeelden bekend gebleven. In de Franse Revolutie is Solon voor sommigen, onder wie Desmoulins, het voorbeeld bij uitstek van de wijze wetgever, terwijl Saint-Just zich een aanhanger toont van Lykourgos, over wie hij in 1794 een traktaat publiceert dat Ploutarchos getrouw volgt.

In de kunst van de 16e en 17e eeuw treffen we Solon aan in reeksen afbeeldingen van de Zeven Wijzen: aldus bijvoorbeeld in de 16e eeuw in een grafiekreeks van Cornelis ii Floris, in de 17e eeuw in grafiekreeksen van Jacob de Gheyn ii en Testa. In de Stanza della Segnatura van het Vaticaan schilderde Perino del Vaga rond 1541 Solon die de Atheners zijn wetten schenkt. In Versailles, waar Solon aldus in een plafonddecoratie van Noël Coypel ca. 1673 voorkomt naast de wijze Traianus, is hij bedoeld als lofprijzing aan het adres van Lodewijk xiv en diens minister Colbert. In 1793 werden levensgrote beelden van Solon en Lykourgos in de zaal van de Assemblée in de Tuilerieën opgesteld: Solon symboliseert hier de gematigde, Lykourgos de radicale wet-geving. Voorts stonden daar als exempla onder anderen Cincinnatus, Camillus, M.I. Brutus en Plato. R.N. Roland Holst schilderde hem ca. 1910 in de inmiddels afgebroken zittingzaal van de Hoge Raad aan het Plein in Den Haag naast andere wetgevers: Mozes, Iustinianus en Napoleon.