Van aalmoes tot zwijntjesjager

Geschreven door Dr. E. Schröder, 1980

Gepubliceerd op 10-04-2020

Ondeugend

betekenis & definitie

Ondeugend behoort met onnozel, ongerijmd, onbehouwen, onverschillig en andere tot die woorden waarvan de vorm zonder onontbreekt. Het voorvoegsel heeft hier meer dan een ontkennende betekenis, het heeft ook de kracht van iets verkeerds.

Dat verkeerde was vroeger veel sterker aanwezig dan thans. Vooral in de 18e eeuw betekende ondeugend: slecht in zedelijke zin. Wol ff en Deken spreken van een zeer ondeugend atheïst en van een meisje dat gedwongen wordt te trouwen ‘met een zeer rijk, maar zeer ondeugent Oostindisch Heer’. Thans gebruiken wij het woord nog voor kinderen die stout zijn en verder in de zin van: schalks, geestig, op het kantje. Iemand vertelt bijvoorbeeld een ondeugende anecdote en doet dat met een ondeugende blik op de dames.