uitdrukkingen

Woorden en uitdrukkingen verklaard

Gepubliceerd op 03-12-2020

Goochem

betekenis & definitie

slim, hebr. gochom, wijs, verstandig, geleerd. Daarvan : een goochemerd, slimmerd, in het barg. ook = rechter van instructie.

Brusse, Boefje 75: „Ouwe gochemert!”