Toernooi theorie betekenis & definitie

De toernooi theorie (Engels: Tournament theory) is bedacht door de economen Edward Lazear en Sherwin Rosen. De theorie beschrijft het principe dat de hoogst geplaatste personen in een organisatie het hoogste loon ontvangen, als een ''prijs'' die mensen (kunnen) krijgen als ze maar het hardste werken.

De toernooi theorie gaat ervan uit dat loon een grote motivatie voor mensen is en medewerkers er dus alles aan zullen doen om die hoogste prijs te winnen. Door hard te werken, te streven naar het beste en hogerop proberen te komen, maken ze kans op een positie die hoger ligt dan de huidige en dus ook meer te gaan verdienen. Dit zou dan een soort ''prijs'' voor hard werken zijn. Ook is het investeren in jezelf en in je opleiding erg belangrijk. Hetzelfde geldt bijvoorbeeld voor een beloning in de sport als je eerste eindigt in een competitie of toernooi. In het meest simpele geval zullen twee mensen die een toernooi spelen samen strijden voor de winnende positie. Hoe groter het verschil in beloning tussen de eerste en de tweede plek, des te hoger de motivatie om te winnen zal zijn maar ook hoe meer tijd/moeite er geïnvesteerd moet worden.

De toernooi theorie geeft een argument ten behoeve van de output-gerelateerde beloningen. Heel veel beloningen (salarissen) worden op dit moment bepaald naar input: mensen werken bijvoorbeeld 40 uur en krijgen hiervoor een vast salaris. Het is in deze vorm echter helemaal niet van belang wat mensen in deze 40 uur vervolgens doen. Door naar output te gaan betalen, krijgen medewerkers loon naar aanleiding voor het geproduceerde. De toernooi theorie suggereert dat door de hoogste posities het meest te betalen, mensen naar het hoogste zullen streven en dus ook productiever zullen zijn.