OCAI (Organizational Culture Assessment Instrument) betekenis & definitie

De OCAI is een populair en eenvoudig meetinstrument dat gebruikt wordt voor de typering van organisatieculturen. Op basis van de OCAI wordt onderscheid gemaakt tussen een viertal cultuurtypen. Het instrument is ontwikkeld en gevalideerd door de professoren Cameron & Quinn.

Het OCAI model is al door meer dan 10.000 bedrijven wereldwijd gebruikt en meet in ongeveer 17 minuten de huidige en de gewenste bedrijfscultuur. Het instrument is gebaseerd op twee dimensies: de mate van stabiliteit versus flexibiliteit en de mate van interne versus externe gerichtheid.

Uit onderzoek (Cameron, Quinn e.a.) blijkt dat organisatiecultuur een krachtig effect heeft op de prestaties en effectiviteit van organisaties op de lange termijn. De impact op individuen is groot en aangetoond, denk aan: productiviteit, commitment, werkhouding, ziekteverzuim, inzet, motivatie, personeelsverloop, fysiek en emotioneel welbevinden en resultaten op het werk. Ook blijkt cultuur vaak de factor waardoor veranderingen (50 tot 70%) niet slagen.

Invullers van de meting beoordelen zes factoren van organisatiecultuur die, zo blijkt uit onderzoek, het succes van teams en organisaties bepalen: de dominante kenmerken van de organisatie: de ‘uitstraling’, de stijl van leidinggeven, het personeelsmanagement, het ‘bindmiddel’, de strategische accenten en de succescriteria.De gewenste cultuur wordt op dezelfde manier gemeten. Behalve de profielen, levert ook het verschil tussen huidige en gewenste situatie interessante informatie op.

De OCAI onderscheid uiteindelijk een viertal cultuurtypen: familiecultuur (aandacht voor individuele ontwikkeling maar ook sterk saamhorigheidsgevoel, teamwerk en gemeenschappelijke normen en waarden), adhocratiecultuur (geen hiërarchische gezagsverhoudingen, inspelen op nieuwe mogelijkheden: creativiteit, dynamiek en ondernemerschap), marktcultuur (accent op resultaten en productiviteit, gemeenschappelijke doel is sterker en beter zijn dan de concurrent) en hiërarchiecultuur (het vooral netjes volgen van regels en procedures, structuur en geformaliseerd en gestructureerd werken).