Transitievergoeding betekenis & definitie

Een onder voorwaarden wettelijk verplicht gestelde vergoeding van de werkgever aan de werknemer bij het einde van het dienstverband. De hoogte van de vergoeding wordt bepaald op basis van het maandsalaris en het aantal dienstjaren van de werknemer.

Vanaf 1 juli 2015 hebben alle werknemers recht op een transitievergoeding als zij ten minste 2 jaar in dienst zijn geweest en als de arbeidsovereenkomst op initiatief van de werkgever wordt beëindigd of niet wordt voortgezet/verlengd.

De hoogte van deze vergoeding hangt af van de duur van het dienstverband. De hoofdregel is: ⅓ maandsalaris per dienstjaar en ½ maandsalaris per dienstjaar dat men langer dan 10 jaar in dienst is geweest. De vergoeding bedraagt maximaal EUR 79.000,- bruto (in 2018) en maximaal een jaarsalaris voor werknemers die meer verdienen dan € 79.000,- per jaar. De transitievergoeding is lager dan de uitkomst van de huidige neutrale kantonrechtersformule.

Voor oudere werknemers (50+) met een dienstverband van 10 jaar of langer en voor werkgevers met maximaal 25 werknemers geldt tot 2020 een overgangsregeling. Onder zeer strenge (cumulatieve) voorwaarden mogen bepaalde scholingskosten van de transitievergoeding worden afgehaald. De werkgever hoeft eveneens geen (of een lagere) transitievergoeding te betalen als de werknemer zelf weggaat of als het ontslag het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werknemer.

Met de invoering van de transitievergoeding verdwijnen de kantonrechtersformule en de kennelijk onredelijk ontslagvergoeding. In uitzonderlijke gevallen kan de rechter aan de werknemer (naast de transitievergoeding) een billijke vergoeding toekennen, maar alleen als sprake is van ernstig verwijtbaar gedrag van de werkgever.

Gepubliceerd op 25-10-2017