mr. Thomas van Dijk

Letselschade advocaat - advocatenktr. Th. van Dijk

Gepubliceerd op 07-11-2016

2016-11-07

Overlijdensschade

betekenis & definitie

Overlijdensschade is een vorm van vermogensschade waarvoor vergoeding door een beperkt aantal gerechtigden kan worden gevorderd, aangaande het derven van levensonderhoud en de kosten van lijkbezorging.

Bij het overlijden van een persoon ten gevolge van een gebeurtenis waarvoor een ander aansprakelijk kan worden gehouden, kan op grond van artikel 6:108 BW een financiële compensatie worden gevorderd door een beperkte kring van gerechtigden. De wet kent thans slechts twee (materiële) schadeposten met betrekking tot overlijdensschade: gederfd levensonderhoud en kosten van lijkbezorging. Het vergoeden van het gederfde levensonderhoud betekent -kort gezegd- dat nabestaanden die door de overledene in hun levensonderhoud werden voorzien er in financiële zin niet op achteruit mogen gaan. De aansprakelijke partij zal hen dus moeten compenseren zodat zij verder kunnen leven zoals ze gewend waren.
De kosten van lijkbezorging bestaan uit de uitvaartkosten, waarvan de omvang vastgesteld wordt naar de levensstandaard van de overledene. Hierbij wordt onder andere rekening gehouden met de persoonlijke wens of de geloofsovertuiging van de overledene. Het moet gaan om redelijke kosten die de nabestaanden in redelijkheid ook hadden gemaakt indien er geen aansprakelijke partij zou zijn.
De beperkte kring van gerechtigden bestaat ingevolge artikel 6:108 BW uit:
• Lid 1 onderdeel a: de echtgenoot en minderjarige kinderen;
• Lid 1 onderdeel b: andere bloed- of aanverwanten;
• Lid 1 onderdeel c: gezinsleden;
• Lid 1 onderdeel d: personen waarmee de overledene in gezinsverband leefde en hen voorzag in levensonderhoud in natura (huishoudelijke arbeid).
Vergoeding van immateriële schade door overlijden is (behoudens uitzonderlijke gevallen) door het wettelijk systeem in Nederland in principe (nog) niet mogelijk. Er is in 2015 echter een wetsvoorstel ingediend dat vergoeding van de immateriële schade (affectieschade) beperkt mogelijk moet maken. Deze vergoeding ziet op het leed dat men ondervindt doordat een persoon waarmee men een affectieve band heeft overlijdt.