mr. Thomas van Dijk

Letselschade advocaat - advocatenktr. Th. van Dijk

Gepubliceerd op 07-10-2016

2016-10-07

Immateriële schade

betekenis & definitie

Immateriële schade is de door de benadeelde geleden onstoffelijke schade die niet het vermogen raakt. De vergoeding voor deze schade wordt ook wel smartengeld genoemd. Het betreft dan ook het smart dat iemand is aangedaan naar aanleiding van een onrechtmatige gedraging (bijvoorbeeld een ongeval).

In haar juridische context betekent dit het volgende. Artikel 6:95 BW onderscheidt twee categorieën schade waarvoor een wettelijke vergoedingsverplichting bestaat. Dit betreft de vermogensschade en het zogenaamde ‘ander nadeel’. Met ander nadeel wordt de immateriële schade bedoeld en hierbij gaat het om leed, pijn en gederfde levensvreugde. Nadere invulling van deze begrippen kan het beste aan de hand van voorbeelden worden gegeven. Zo kan het zijn dat een slachtoffer van een verkeersongeval ernstig letsel oploopt en hier chronische pijn aan overhoudt. Daarnaast is het mogelijk dat psychische schade ontstaat in de vorm van een angststoornis. Bovendien kan het letsel leiden tot gebrekkige mobiliteit - waardoor (sport)activiteiten niet meer kunnen worden uitgeoefend - en tot een sociaal isolement, omdat het slachtoffer ongewild maar noodgedwongen thuis zit. Een dergelijke verandering in het dagelijkse leven waardoor men minder plezier in het leven ervaart, wordt aangemerkt als immateriële schade.

Op grond van artikel 6:106 BW bestaat er een wettelijke schadevergoedingsverplichting voor immateriële schade in de volgende gevallen:
• Lid 1 onderdeel a: Indien de aansprakelijke persoon het oogmerk had om immateriële schade toe te brengen;
• Lid 1 onderdeel b: Indien het gaat om letsel of andere aantasting in de persoon;
• Lid 1 onderdeel c: Indien het de aantasting van de nagedachtenis van een overledene betreft.

De omvang van de vergoeding is een door de rechter naar billijkheid vast te stellen geldsom. Immateriële schade is niet zichtbaar, noch op geld waardeerbaar en de hoogte van het smartengeld is daarom niet eenvoudig vast te stellen. Het ANWB Smartengeldboek biedt hierbij enige houvast.