Sinterklaaslexicon

Sinterklaas van A tot Z door Marie-José Wouters

Gepubliceerd op 24-10-2019

Geschenkenfeest

betekenis & definitie

Bij veel volken bestond de gewoonte elkaar midden in de winter geschenken te geven. Ook de goden kregen geschenken. De magische gedachte hierbij was dat het ene geschenk het andere uitlokte: zo bracht men offers aan → Wodan en ontving daarvoor vruchtbaarheid terug. Eckart vulde namens de → doden in de dodenwereld de schoenen, wat geluk bracht voor de nakomelingen.

Hieruit ontstond het gebruik om elkaar geschenken te geven rond Nieuwjaar: wie in het begin van het jaar vrijgevig was, zou hiervoor rijkelijk beloond worden in de rest van het jaar (→ Joelfeest). De kerk verzette zich aanvankelijk tegen dit bijgeloof. Na de reformatie bekritiseerden de protestanten het geven van geschenken met Sinterklaas als bijgeloof.

In de middeleeuwen werden bovennatuurlijke gaven toegeschreven aan de heimelijke gevers → Artemis (Diana) en Nicolaas. Van Artemis zei men dat ze ’s nachts de huizen bezocht. Als ze dan tevreden was, gaf ze geluk en voorspoed. In Duitstalige landen hebben Vrouw Holle of Perchta dezelfde functie. In Frankrijk heet zij Dame Abonde. De Italiaanse Befana (deze naam komt van Epiphania = Driekoningen) brengt op 6 januari nog steeds geschenken in schoenen. Sint-Nicolaas overwon Artemis (→ Legende); daarom nam hij later het nachtelijk bezoek en het geven van geschenken over. De ‘vrouw van Sint-Nicolaas’ heeft waarschijnlijk haar oorsprong in Artemis. In Venray heeft Sinterklaas een vrouw; in het overige Limburg/Rijnland is Sinte-Barbara oftewel Sinte-Berb (feestdag 4 december) de huishoudster van Sint-Nicolaas. In Friesland heet ze ‘Sintele-Zij’. Ook in Zuid-Duitsland en Oostenrijk zijn er ‘Nikolofrauen’ en ‘Klausenweiblein’ actief.

Tot ongeveer 1750 was het sinterklaasfeest echt alleen voor de kinderen. Oudere kinderen kregen een → roe of een zakje → zout in de schoen. Vanaf het midden van de 18 de eeuw krijgen ook oudere kinderen een cadeautje. Huispersoneel mocht vervolgens de schoen zetten. Pas in de 19de eeuw gaan volwassenen aan elkaar geschenken geven. Eerst geven mannen aan hun vrouwen vooral luxeartikelen, zoals kanten kragen, prenten, warmwaterstoven, Japanse en Chinese artikelen en bontwerk. Volgens M. van Leer heeft dit te maken met de meer romantische basis van het huwelijk (in plaats van het verstandshuwelijk): geschenken als bewijs van liefde. Eind 19de eeuw komen er meer advertenties met herengeschenken: sigaren, snuif- en tabaksdozen, horlogekettingen, enzovoort. Waarschijnlijk kregen de dames in burgerlijke kringen een steviger positie. Zij hoefden niet steeds te ontvangen, maar konden ook geven. Pas na de Tweede Wereldoorlog geven in het algemeen oudere kinderen ook aan hun ouders: dan is de hiërarchie weggevallen en geeft men als gelijken.

Er is een aantal aspecten te onderscheiden aan het geven rond Sinterklaas:

•Het geven van geschenken aan kinderen stamt af van de offergaven aan de goden, waarbij de kinderen nu als het ware in de schoenen van de goden staan. Door kinderen geschenken te geven hoopte men de hogere machten gunstig te stemmen en een vruchtbaar en voorspoedig jaar tegemoet te gaan.
•Het pedagogisch geven (1850-1945): ouders geven hun kinderen geschenken en kinderen ‘geven’ hun ouders gehoorzaamheid. Hier horen ook de sinterklaasfeesten van de Damesvereeniging De Magt van ’t Kleine in Dordrecht en van de Amsterdamse → Vereeniging tot Veredeling van het Volksvermaak bij: men organiseerde sinterklaasfeesten voor het arme en behoeftige kind, maar er werd wel verwacht dat het trouw naar school ging en vlijtig leerde.
•Geven vanuit verbondenheid (na 1945): ‘we horen bij elkaar’; er is aandacht voor de behoeften van opgroeiende kinderen. Ook gaan oudere kinderen cadeautjes aan de ouders geven. Er is meer sprake van wederkerigheid. Het gaat er dan niet meer om gehoorzaamheid ‘af te kopen’ maar om kinderen op te voeden tot sociaal vaardige volwassenen. Na de Tweede Wereldoorlog is het bovendien minder vanzelfsprekend dat kinderen in de buurt van hun ouders gaan wonen. Het jaarlijkse sinterklaasfeest is dan ook een ritueel om de familieband weer te bevestigen en te versterken. Het is daarbij een manier om nieuwe leden (nieuwe partners, kinderen die geboren zijn binnen de familie) in de familiekring op te nemen. • In feite horen hier ook de sinterklaasfeesten bij die georganiseerd worden voor kinderen van ouders die bij bepaalde organisaties horen: werknemers in bedrijven, buurt- en sportverenigingen, enzovoort. Het gaat dan niet meer om het pedagogische geven maar om de band tussen bijvoorbeeld werkgever en werknemers te verstevigen.

Na de Tweede Wereldoorlog is er ook weer aandacht voor andere kinderen in minder gunstige omstandigheden. Er werden collectes en acties gehouden, waarvan sommige nog steeds bestaan en nu meer blijvende doelen steunen. Daarmee is het geven vaak ook anoniem geworden niet meer de arme kinderen van de mindere stand of van een bepaalde ramp, maar algemenere doelen voor kinderen worden gesteund, zoals

-1945: kinderen die slachtoffer waren in de oorlog;
-1953: na de watersnoodramp werden kinderen uit Zeeland in Amsterdam uitgenodigd om de intocht van Sinterklaas mee te maken;
-sinds 1945 organiseert Het Parool de → Witte-Bedjesactie (kinderen in ziekenhuizen krijgen een sinterklaascadeautje);
-sinds 1952 organiseert Trouw acties voor protestants-christelijke tehuizen in Nederland, in de jaren zeventig ook in andere landen;
-sinds 1955 is er de VARA-speelgoedactie, nu ‘Kinderen voor Kinderen’;
-in 2005 speelde theatergroep ‘Het Wolkentheater’ een sinterklaasvoorstelling voor kinderen in asielzoekerscentra.

Het sinterklaasfeest zien we tegenwoordig ontaarden in een materialistisch feest. Verlanglijsten staan vol met dure cadeaus en het ‘hebben en krijgen’ voert de boventoon. We maken afspraken over hoeveel we zullen uitgeven, om maar hetzelfde bedrag als een ander te besteden en vooral niet méér.

Toch is de basis van sinterklaas: anoniem geven zonder teruggave. Sinterklaas is het symbool van het ‘hogere geven’, zoals de goede dingen in het leven ook vaak zonder afzender komen.

→ Vrouwen die gaven schenken