Onderknuppel betekenis & definitie

ondergeschikte, hulpkracht, loopjongen. Reeds opgetekend in 1936 (door J.H. van Lessen: ‘Klanknabootsing als taalvormend element’). Sinds de jaren tachtig veel couranter in gebruik, al wordt de term door weinig woordenboeken vermeld.

Ja, mijn vader maakt strips, d.w.z. hij laat ze maken door onderknuppels in ‘zijn’, vóór de oorlog al beroemde stijl. (Remco Campert, Een ellendige nietsnut en andere verhalen, 1960)

... een nieuwe kaste van ja-knikkers en onderknuppels. (Gerrit Komrij, Averechts, 1980)

Moet ie hier dan onderknuppel blijven? (Guus Vleugel, Een valse nicht, 1985)

Laatst bijgewerkt 06-06-2017