Macaroni(vreter) betekenis & definitie

Italiaan. Vooral populair onder (Vlaamse) wielrenners. Meer gebruikelijk is spaghettiureter. Jansen (1984) vermeldt nog de varianten macaroniboer en macaroni freak. Een zeldzame variant is macaronimkoper. Het woord macaroni werd in het Nederlands al opgetekend in 1778.

Het scheldwoord werd via het wielerjargon ontleend aan het Frans. Gelukkig zijn er twee renners geweest om de schittering van de Italiaanse massa-zege ietwat te temperen: Kübler over wie we zo pas spraken, en onze landgenoot Rik van Steenbergen! Zij alleen waren opgewassen tegen de ‘macaroni’s’. (’t Vrije Volksblad, 08/07/1949)

Hédaar, domme macaroniverkopers! Mij krijgen jullie niet te pakken! (Willy van der Heide, Een speurtocht door Noord-Afrika, 1952)

Laatst bijgewerkt 06-06-2017