Langharig werkschuw tuig betekenis & definitie

revolutionaire (langharige) jongeren. In de periode 1968-1975 zowel een scheldnaam als een geuzennaam. De benaming werd soms afgekort tot lahatui (zie Broersma). Hieronder vielen dan de demonstranten, studenten, woningkrakers en bewegingen als Dolle Mina. Volgens de een zou deze uitdrukking gelanceerd zijn door het tienerblad Hitweek, volgens de ander zou het om een uitvindsel gaan van de conservatieve burgerkrant De Telegraaf.

De jongeren op wie de term sloeg, gingen algauw in de verdediging en bestempelden hun tegenstanders als kortharig keurig tuig: burgerlijk en conservatief. Vgl. ook de Engelse slangterm the great unwashed, die min of meer dezelfde betekenis had.

En ook de tyfus, kale neet, he kankerlijer lik me reet. Langharig tuig, stuk onbenul, subtiele slijmerd, hondelul. (Robert Long, Beschaafde Tango, 1977)

Schaars was het ‘langharig werkschuw tuig’, overvloedig het aantal square spijkerbroekendragers. (Oor, 09/03/1977)

Laatst bijgewerkt 06-06-2017