Scheldwoordenboek

Geschreven door Marc de Coster © 2007

Gepubliceerd op 02-01-2020

Lange

betekenis & definitie

lang persoon. Syn.: lantarenpaal;panlat; spriet.

Nee, dat weet ’k wel! Die lange met z’n kalfsoogen wel, hè? (Frans Netscher, Studie’s naar het naakt model, 1886)

‘Hé, Lange!’ riepen ze omhoog, ‘spreek jij Maleis? Of ken je het niet eens?’ (Johan Fabricius, De scheepsjongens van Bontekoe, 1923)