canaille, kanalje betekenis & definitie

gemeen volk; gepeupel. De aangesprokenen worden vergeleken met dieren. Het Franse canaille is overgenomen uit het Italiaans, waar canaglia is afgeleid van cane: hond (Latijn: canis). De letterlijke betekenis is dus ‘het hondenvolk’. Napoleon bezat naar verluidt een zorgvuldig aangelegde zwarte lijst van personen die hem vijandig gezind waren. Op het titelblad had hij met eigen hand in het Italiaans en het Frans de woorden canaglia- les canailles geschreven. Het scheldwoord werd in ons taalgebied al opgetekend in 1572. Voltaire zou over Nederlanders gezegd hebben dat zij een volk zijn van canards, canaux en canaille. In het Frans bestaat er een spreekwoord: Les voleurs et les canailles sant faits pour s'entendre.

Men kan wel zien, dat het canaille aan de Academie den baas speelt - te drie uren! (Johannes Kneppelhout, Studenten-typen, 1839-1841)

‘Canaille, veepak! Ik zal je leeren eene weerlooze vrouw te mishandelen,’ schreeuwde hij. (Willem Roda, Eli Heimans.1889)

Wat een kanalje, zei Milada vol walging. (Het Volk, 01/10/1910)