Fagocytose betekenis & definitie

Fagocystose is het proces waarbij een leukocyt, oftewel een witte bloedcel, een micro-organisme of virus insluiten.

Leukocyten hebben een soort antennes, receptoren genaamd, die algemene lichaamsvreemde structuren herkennen. De celwand van bacteriën bijvoorbeeld. Deze bestaat uit bepaalde vetten en suikers, die in het menselijk lichaam niet voorkomen. Virussen worden herkend aan eiwitten op het oppervlak van de virusdeeltjes. Als bepaalde leukocyten zulke eiwitten herkennen, gaan ze meteen in de aanval met fagocytose: een proces waarbij micro-organismen en virussen opgenomen worden in de leukocyt en vervolgens worden verteerd. Dit type leukocyten, de zogenaamde fagocyten, veranderen tijdens de fagocytose van vorm en sluiten een micro-organisme of virus helemaal in.

In de fagocyt-cel ontstaat een fagosoom (voedselvacuole) met daarin het micro-organisme of virus. Vervolgens smelt de vacuole samen met lysosomen, blaasjes in de cel die enzymen bevatten. Deze enzymen breken het micro- organisme of virus af. De verschillende restdeeltjes van het afgebroken micro-organisme of virus worden gepresenteerd op de buitenkant van de fagocyt. Een fagocyt met lichaamsvreemde deeltjes op het celmembraan heet een antigeen presenterende cel (APC). Een APC toont het immuunsysteem wat het ‘gevangen’ heeft. Dit speelt een rol bij de derde afweerlinie, hier wordt verderop op ingegaan.

Een belangrijke fagocyt is de macrofaag. Dit betekent letterlijk ‘veelvraat’ en dat is precies wat hij doet. Deze grote cellen met uitsteeksels kunnen van vorm veranderen en zich door het hele lichaam verplaatsen. Ze kunnen tot wel enkele maanden leven. Sommige macrofagen blijven permanent in bepaalde organen.
Variatie aan leukocyten Behalve de macrofaag spelen andere typen leukocyten een rol in de niet-specifieke afweer. Twee andere belangrijke leukocyten zijn neutrofielen en natural-killer-cellen.