Zout betekenis & definitie

Zout is een kleine witte stof, die goed oplosbaar is in water en wordt gebruikt om voedingsmiddelen op smaak te brengen. Een andere naam voor keukenzout is natriumchloride.

Natrium, een mineraal in zout, is erg belangrijk voor het menselijk lichaam. Natrium regelt het vochtbalans in het menselijke lichaam. Dit zorgt voor een goede werking van spier- en zenuwcellen. Zout is daarom een belangrijk voedingsmiddel. Voor volwassenen is het advies om niet meer dan 6 gram zout op een dag te consumeren. Het eten van te veel zout kan namelijk voor een hoge bloeddruk zorgen.
Omdat zout het smeltpunt van ijs verlaagt, wordt het ook ingezet om gladheid op de weg tegen te gaan. Strooiwagens gooien het zout op de wegen en fietspaden om ijsvorming tegen te gaan. Zout dat voor deze doeleinden wordt gebruikt, is ongezuiverd zout. Het nadeel van deze methode is dat auto's en fietsen sneller last krijgen van roest.
Zout komt uit de bergen, waar het zich in gesteenten bevindt. Het regenwater zorgt er voor dat gesteente verweerd. Het zout stroomt met de rivieren mee de zee in. Om die reden wordt de zee steeds zouter.
Zout wordt meestal gewonnen op zoutvlaktes. Dit zijn plekken waar ooit de zeebodem was. Het kan ook uit bassins gewonnen worden waaruit zeewater verdampt. Zout is te zwaar om te verdampen en blijft daarom achter.
Vroeger was zout erg schaars, om die reden werd het ook wel als betaalmiddel gebruikt.

Gepubliceerd op 28-04-2013