Redactie Ensie

Schrijver op Ensie

Gepubliceerd op 01-08-2016

2016-08-01

Slib

betekenis & definitie

Slib zijn nog niet verharde stoffen die door water worden meegevoerd. Het fijne materiaal is in zwevende toestand meegenomen door water en bevat na afzetting nog veel water. Slib voelt daarom vaak slap aan.

Als de stroomsnelheid van het water afneemt, slaan de deeltjes als een soort klei neer op de bodem. Doordat veel Nederlandse rivieren vaak zijn bedijkt, is de stroomsnelheid van het water vrij hoog, en zinkt er weinig slib naar de bodem.

Slib komt veelal voor als afzetting op de waterbodem, in bijvoorbeeld grachten, kanalen, sloten en rivieren. De waterbodem bestaat uit twee delen: een geconsolideerd deel, ook wel de bodem genoemd, en een ongeconsolideerd deel; het sediment. Dit sediment bestaat vaak uit een donkere bruine/zwarte gekleurde sliblaag. De slib is afkomstig van organisch materiaal, dat is samengesteld uit sterk tegen elkaar aan gedrukte organisch materiaal. Dit materiaal komt bijvoorbeeld van planten, takken en bladeren.

Slib hoopt zich op. Daarom moeten vaarwegen en havens geregeld uitgebaggerd worden. Slib kan echter verontreinigd zijn, en daarom wordt het verontreinigd slib afgevoerd naar een opslagplaats, zoals op de Maasvlakte. De reden dat slib verontreinigd is, komt doordat veel slib wordt aangetast door zware metalen, waardoor het schadelijk kan zijn voor de omgeving.

Slib kan ook positief werken. Als de slib afkomstig is van natuurlijke oorsprong, zorgt de slib meestal voor een vruchtbare bodem. Daarom werd de afzetting van slib vroeger al veel gebruik door de Egyptenaren. Slib werd op uitgeputte akkers gestrooid, en diende als mest. Het slib haalden zij uit de Nijl, als de vloedperiode over was. Vanwege de grootschalige verontreiniging in slib, wordt slib tegenwoordig niet meer vaak gebruikt om akkers vruchtbaar te houden.