Koken betekenis & definitie

Koken is het bereiden van eten in een vloeistof die aan de kook is gebracht.

Door voedsel te koken verandert het van structuur, waardoor het gaar wordt en klaar is voor consumptie. Voorbeelden van voedsel dat gekookt kan worden, zijn pasta, rijst, aardappelen, eieren en verschillende groenten zoals broccoli en bloemkool. Daarnaast kookt men water uit bijvoorbeeld een rivier om het te zuiveren van ziekmakende bacteriƫn.

Water kookt bij honderd graden Celsius en vet bijvoorbeeld pas bij tweehonderd graden Celsius. Wanneer water kookt, begint het te borrelen en te verdampen.

In de volksmond is koken een verzamelnaam voor het bereiden van voedsel op welke manier dan ook. Tijdens het koken wordt voedsel klaargemaakt voor consumptie door het bijvoorbeeld gaar te koken. Daarnaast bestaan er diverse soorten voedsel, zoals groente en fruit, die ook rauw gegeten worden. Desondanks valt de bereidingswijze van rauwe groenten in de volksmond vaak ook onder de noemer koken.

Het koken van voedsel heeft er in de geschiedenis toe geleidt dat vrouwen eerder zwanger konden worden. Door het koken werd het voedsel namelijk zachter waardoor een baby, met een nog niet volgroeid gebit, eerder kon overstappen van moedermelk naar ander voedsel. Dit heeft geleid tot een bevolkingstoename in verschillende gebieden.

Daarnaast werd het voedsel veiliger omdat bacteriƫn werden dood gekookt, het voedsel was
makkelijker te verteren, de houdbaarheid nam toe en het voedsel werd smakelijker. Het koken bracht in de oudheid waarschijnlijk ook sociale veranderingen teweeg, omdat de mens meer tijd in een groep rondom het vuur doorbracht.

Gepubliceerd op 07-03-2016