Redactie Ensie

Schrijver op Ensie

Gepubliceerd op 25-10-2016

2016-10-25

Fossiele brandstoffen

betekenis & definitie

Fossiele brandstoffen zijn energiebronnen die zijn ontstaan uit versteende resten van plantaardig en dierlijk leven in het geologisch verleden van de aarde.

Bekende voorbeelden van fossiele brandstoffen zijn steenkool, aardgas en aardolie. Deze producten hebben lange tijd onder extreem hoge druk gestaan bij zeer hoge temperaturen. Hierdoor bevatten ze koolwaterstoffen en zwavelverbindingen. Fossiele brandstoffen zijn relatief eenvoudig te winnen. Daarom worden deze grondstoffen al heel lang gebruikt en zijn ze voor veel arme landen een middel om geld mee te verdienen.

Bij verbranding van fossiele brandstoffen komt energie vrij. Deze energie wordt ook wel ‘grijze stroom’ genoemd en is niet milieuvriendelijk. Bij de verbranding van fossiele brandstoffen komt veel koolstofdioxe vrij, wat bijdraagt aan het versterkt broeikaseffect. Dit is niet de enige stof want ook roet, fijnstof, zwavel- en stikstoffen kunnen komen vrij, met luchtvervuiling en zure regen tot gevolg.

Fossiele brandstoffen kunnen maar één keer worden gebruikt, dus op den duur zijn ze op. Deze brandstoffen zijn niet duurzaam. Daarom wordt er wereldwijd gezocht naar alternatieve energiebronnen. Kernenergie is hier een voorbeeld van, maar hier is veel weerstand tegen. Een ander alternatief is groene energie. Deze soort is milieuvriendelijk en duurzaam en wordt gewonnen door bijvoorbeeld zonne-energie en windenergie.