Cellulose betekenis & definitie

Cellulose is de bouwstof van de celwanden van planten en materialen van plantaardige oorsprong. Deze wordt door de planten zelf gemaakt. Cellulose is een polysacharide, een type koolhydraat dat niet is op te lossen in water.

Cellulose is het meest voorkomende natuurlijke polymeer ter wereld. Polymeer is een molecuul dat bestaat uit een opeenvolging van meer van dezelfde of soortgelijke delen die aan elkaar zijn gekoppeld.

Cellulose is een stof die in veel natuurlijke vezels zit, zo bestaat hout voor een groot deel uit cellulose. Watten en katoen bestaan volledig uit cellulose. Ook wordt het gebruikt voor het maken van onder meer papier, textiel en viscose.

De stof is slecht afbreekbaar, zo kunnen mensen het bijvoorbeeld niet volledig verteren door het gebrek aan het cellulase-enzym. De micro-organismen in de maag of dikke darm beschikken wel over de vereiste enzymen, en breken daarom de meeste cellulose af. In de natuur wordt hout meestal door kevers en micro-organismen (zoals schimmels) afgebroken. In tropische gebieden breken veel termieten deze stof af.

Gepubliceerd op 21-09-2016